Home > Actueel, Onderwijs > De nieuwe onderlaag

De nieuwe onderlaag


Naar aanleiding van het artikel “De nieuwe onderlaag kan geen bijsluiters lezen” van H.J.A. Hofland in NRC Next, 27 augustus 2010.

Volgens cijfers van het Max Goote Kenniscentrum hebben we nu anderhalf miljoen laaggeletterden, een half miljoen meer dan in 1996 – zo schrijft Hofland.

Hoe heeft het zo ver kunnen komen? Hoe kan het dat we ondanks verplicht twaalf jaar voltijds onderwijs nog steeds mensen hebben die niet goed kunnen lezen? Een toestroom van allochtone laaggeletterden? Een miljoen van de laaggeletterden is autochtoon.

Ook in mijn omgeving merk ik het, een gebrek aan kennis en vaardigheden. Ik ben maar een paar jaar ouder dan de jongeren waar ik mee werk en ik voel me onderdeel van de laatste generatie die nog écht onderwijs heeft gehad. Het is eng om te merken dat veel van hen slecht kunnen spellen, rekenen en nooit iets lezen. En als ik zeg nooit, dan bedoel ik dat vrij letterlijk.

We hebben het over jongens en meisjes die aan het eind van hun opleiding zitten en over een jaar werk moeten gaan zoeken; waarvan ik nu al weet dat ze geen sollicitatiebrief kunnen schrijven, om het simpele feit dat ze (letterlijk) geen zin foutloos kunnen schrijven. We hebben het over meisjes die hun mbo-opleiding afsluiten met een werkstuk zonder hoofdletters of leestekens.

Ook over jongens die havo gedaan hebben en een hbo-opleiding afsluiten, die nog nooit gehoord hebben van Harry Mülisch, W.F. Hermans, Hella Haasse of Marga Minco. En als je denkt dat dat komt omdat die al wat ouder zijn, moet ik je teleurstellen: ook van bijvoorbeeld Giphart of Zwagerman hadden ze nog nooit gehoord.

Het is schrikbarend om te merken dat ze in paniek raken wanneer ze een simpele vraag in het Engels krijgen, bijvoorbeeld waar iets staat. Duits of Frans beheersen ze in het geheel niet.

Zelfs HBO- en universitaire opleidingen rennen hard achteruit in kwaliteit. Ik heb geluk gehad met een paar strenge docenten: zat er een spelfout in je werk, dan kreeg je het terug zonder beoordeling en mocht je het opnieuw doen. Maar met de overgang naar de Ba/Ma-structuur begon het gezanik al: de vakken die eerst niveau 2 of 3 hadden, kwamen opeens terug als vakken op M-niveau, met nagenoeg exact dezelfde inhoud die ik twee jaar eerder al had gehad.

Ik dacht eerst dat het aan slecht basisonderwijs lag – en daar zal een deel van het probleem best zitten. Als je les krijgt van iemand die zelf niet kan spellen, zul je een achterstand oplopen. Maar deze week zag ik ook een bericht op Onze Taal.nl – hierin staat dat basisscholieren in groep 8 de werkwoordspelling beter beheersen dan scholieren aan het eind van het voortgezet onderwijs.

Ik vraag me ook af of hetzelfde geldt voor rekenen. Ik was gezegend met een leraar wiskunde die ons het gebruik van de rekenmachine in 3 gymnasium verbood – voor sinus, cosinus en tangens kregen we tabellen. En grafische rekenmachines had je toen nog niet.

Het wordt de hoogste tijd om meer aan onderwijs te doen. Minder opzoeken op google, meer zelf schrijven, minder op de rekenmachine en meer zelf bedenken. We laten jongeren collectief in de steek, wanneer we er niets aan doen.

We moeten er meer geld in steken — op alle niveaus. Mijn faculteit kampte ook met een tekort en daardoor een personeelsstop, lokalen die niet brandveilig waren, tekort aan meubilair, computers en een bibliotheek die weinig recente boeken op de plank had. Dat leidt tot gebrekkig onderwijs door mensen die daar niet voor opgeleid zijn en tot studievertraging. Op middelbare scholen moet voorkomen worden dat docenten uitvallen (door bijvoorbeeld overspannenheid) en dat vakken in het geheel niet gegeven worden door een tekort aan docenten.

We moeten ouders ook aanspreken op hun verantwoordelijkheden – ieder uur dat scholieren het vak verzorging in de basisvorming krijgen, omdat ze thuis niet leren om een waslabel te lezen of iedere dag schoon ondergoed aan te trekken, gaat ten koste van tijd die besteed zou kunnen worden aan vakken die op school thuishoren.

En we moeten af van de verheerlijking van middelmaat. Iemand die kan spellen, is geen elitaire taalnazi, maar iemand met meer kans op een baan dan iemand die dat niet kan – CV’s met spelfouten gaan namelijk zo de papierversnipperaar in.

Als er geen verandering komt in de maatschappij en hoe we omgaan met kennis, dan vrees ik met H.J.A. Hofland mee voor de toename van onwetendheid.

http://www.weekvandealfabetisering.nl/

  1. 30 augustus 2010 om 20:22 | #1

    Auw, wat een rake blog! Van mijn vrienden in het onderwijs ontvang ik ook deze verhalen. Het is toch apart dat er een hele subcultuur lijkt te ontstaan die domheid als zegen of “stoer” ziet. Afkomst zou er naar mijn idee niet toe moeten doen. Voor Nederlands heb ik enkele Bulgaarse schrijvers op mijn lijst gezet. Maar dan wel kaliber in de buurt Mullich of Tolstoi (vindt Mullich leuk om mee vergeleken te worden denk ik) en niet van Bouquet-reeks. Waarom lezen scholieren nu dan niets meer? En als dyslectisch aangelegde heb ik geleerd dat oefening kunsten baart, schrijven gaat me toch beter af.
    Maar schrijft Hofland of alle anderen nog adviezen voor hoe dit bestreden moet worden? Het makkelijkste advies lijkt mij: leg de macht weer bij de docent, noem die weer leraar of lerares of nog beter: meester! :-) Men moet weer respect hebben “voor die gasten”, en daar zullen de docenten vrijheid voor moeten krijgen denk ik.

    • Clementine Dancy
      31 augustus 2010 om 00:47 | #2

      Hoe bedoel je, afkomst? Van auteurs? Persoonlijk ben ik er wel voor dat er tenminste wat literaire Nederlandse werken worden gelezen, voor enig historisch/literair besef, maar tegen verder kijken dan je neus lang is kan natuurlijk niets ingebracht worden. Dat schijnt in de Tweede Fase op papier al zo te zijn, door GLO (Geintegreerd Literatuur Onderwijs), in theorie tenminste. Tenzij het de laatste paar jaar enorm verbeterd is, maar de berichten die ik erover kreeg waren dat dat helemaal niet goed van de grond kwam.

      Tegenwoordig hoeven scholieren niet meer zo veel te lezen: drie of vijf werken klassikaal per taal geloof ik. Ik moest er 20 voor Nederlands, 15 voor Engels, Frans en Duits en nog een boek van minimaal 300 pagina’s voor geschiedenis. Nou is dat misschien te veel van het goede en kan verplicht lezen erg demotiverend werken. Een beetje balans is wel gewenst.

      Wat je zegt over dyslexie is waar. Met alle respect, maar het wordt te vaak als excuus gebruikt om geen moeite te hoeven doen. En ik vind dat eigenlijk niet netjes naar mensen die dyslectisch zijn, maar keihard werken om beter te worden in iets wat ze lastig afgaat.

      De oplossing? Tsja. Uit Hoflands artikel is me niets bruikbaars bijgebleven. Wat ik zei over de mentaliteit is een deel van het probleem. Een ander deel is wat jij noemt, de ruimte die de docent mist om zelf de lessen in te vullen. Dat komt deels vanuit regels van de overheid, deels vanuit werkdruk, deels vanuit druk door hervormingen, en deels vanuit de scholen zelf die bepaalde lesmethodes willen gebruiken.

      Deels versnippering: te veel vakken die niet heel nodig zijn of anders ingevuld kunnen worden. Ik herinner me nog een les op school, waar we bij verzorging onze tanden moesten poetsen en controleren of we dat goed gedaan hadden, met zo’n pilletje waardoor de plak rood/roze wordt. Zoiets vind ik leuk voor een basisschool, maar niet voor twee gymnasium. Dat uur had ook aan iets anders besteed kunnen worden. Ook komen onderwerpen nu bij meerdere vakken aan bod, soms zelfs bij herhaling; ik heb vijf keer seksuele voorlichting gehad: verzorging 1e en 2e jaar, biologie 1e, 2e en 3e jaar. Staatsinrichting zat bij geschiedenis, maar ook bij maatschappijleer. Het kan toegevoegde waarde hebben om een onderwerp meermaals te behandelen of vanuit andere invalshoeken, maar vaak is het dus gewoon dubbel.

      De kern is denk ik dat de docent weer kennis moet gaan overbrengen en moet begeleiden bij het aanleren van vaardigheden. Niet politieagentje spelen, niet controleren of iedereen wel ontbijt op heeft, niet de taken overnemen die ouders moeten uitvoeren.

      Maar ik blijf erbij dat het ook een groot deel mentaliteit is. Dat viel me nog het meeste op tijdens mijn studie. We hadden een Canadese uitwisselingsstudente: die wilde cum laude afstuderen, dus werkte ze harder dan veel van de Nederlandse studenten. Toen ze een vak niet meer met een acht of hoger kon afsluiten, liet ze het vallen en ging ze een ander vak doen. Ze moest en zou hoog scoren. Ook had ze al meerdere publicaties op haar naam. Je merkte het ook als je met haar praatte, ze wilde gewoon de beste zijn en vond het normaal dat dat gestimuleerd werd. Nogal een schril contrast met de studenten – en ja, ik ook – die het eerste jaar op de bus naar de tentamenzaal stonden te wachten met een houding van ‘ik zie wel’. Gesprekken als “Hee, heb je goed geleerd?” — “Nou, ik was wel begonnen, maar ik had geen zin meer na hoofdstuk twee”. Of na het tentamen “nou, ik zie je wel weer met de herkansing!”.

  1. Nog geen trackbacks

Geef een reactie

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log Out / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log Out / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log Out / Bijwerken )

Verbinden met %s

Follow

Get every new post delivered to your Inbox.